Tijdens het backupen van mijn laptop kwam ik een document tegen dat ik heb geschreven voordat ik ging freelancen. Dit document schreef ik om uiteen te zetten wat mijn visie was op media en hoe ik mijn rol binnen dit speelveld zie. Het is geen volmaakt stukje en vooral geschreven om mezelf er aan te herinneren wat ik belangrijk vind in mijn werk maar ik wil het hier toch graag in deze vorm delen.
1.
Ik wil met mijn werk de ruimtes verkennen die worden gecreëerd door verschillende media en er voor zorgen dat deze ruimtes op zo’n manier worden ingevuld dat er hierin nieuwe betekenis ontstaat. Media hebben hierin een dubbele werking. Aan de ene kant zijn zij heel paradoxaal en creëren ze tegenstellingen in het medialandschap. Aan de andere kant vervullen ze een bemiddelende rol in het paradoxale spanningsveld dat is ontstaan uit de vele moderne tegenstellingen binnen de multimedia.
Zo kunnen de spanningsvelden tussen de twee tegenpolen die ik hierboven beschrijf vanuit dit perspectief gezien worden als een ‘tussen’ die zich volgens Henk Oosterling laat concretiseren in wat wij media noemen (Oosterling, 2005: 296). Deze media staan midden in het spanningsveld tussen bestaande structuren en vervullen hierin een bemiddelende rol waaruit ze nieuwe betekenis en inzicht kunnen verschaffen. De plek die deze media binnen dit spanningsveld innemen kan al als een hybride ruimte worden gezien. Deze hybridisatie van ruimtes leidt tot de integratie, samensmelting of vervaging van de harde grenzen van de oude media en versmelt hiervan elementen die anders onverenigbaar zouden zijn. Dit proces van hybridisatie zorgt vervolgens voor ontologisch nieuwe elementen met nieuwe ontologische kenmerken en betekenissen die ik in mijn werk een invulling wil geven.
Waar meerdere media samen komen ontstaan er vanuit deze tegenstellingen namelijk ook hybride ruimtes met elk hun unieke eigenschappen. Zo creëert de opeenvolging van nieuwe technologieën veel nieuwe gebieden die zich manifesteren tussen deze verschillende nieuwe media in. De tegenstellingen van deze media vormen een hybride ruimte waarin de eigenschappen van beide media vertegenwoordigd zijn en nieuwe betekenis creëert. Deze hybride ruimte krijgt vervolgens een invulling door de manier waarop er met deze ruimtes wordt omgegaan. De gebruiker is dus eigenlijk het ‘tussen’ dat de media met elkaar verbind en betekenis geeft.
In deze nieuwe media worden veel digitale versies van de al langer bestaande media geïmporteerd waardoor er multimedia ontstaan. Dit kan op zich als problematisch gezien worden omdat dit een veelvoud aan paradoxale relaties oplevert. De heterogeniteit van al deze paradoxale relaties zorgt er echter voor dat er een enorme hoeveelheid aan nieuwe betekenis wordt gecreëerd door de gebruiker die hier zelf, als een intermediair, op hetzelfde moment dat hij nieuwe informatie consumeert ook nieuwe informatie creëert.
Doordat er zo’n enorme hoeveelheid aan verschillende media tegelijkertijd en door elkaar heen worden gebruikt wordt het voor deze gebruiker alleen onmogelijk om van al deze media optimaal gebruik te maken. Als er dus een product wordt ontwikkeld, of dit nu software of hardware is, is het noodzakelijk om de gebruiker de mogelijkheid te bieden hier optimaal mee om te gaan. Op dit moment zie je dat producten die dit aanbieden, zoals de ipod en de senseo maar ook diensten zoals youtube, google, del.icio.us, flickr, etc, een succes worden. Juist door deze media op zo’n eenvoudeige en versterkende manier te combineren kan er meer worden bereikt met minder communicatiemiddelen. Het is daarom van belang de mediumspecifieke eigenschappen te bestuderen voordat deze worden toegepast om een bepaald doel te bereiken.
De hybride ruimtes die op zo’n manier worden ingevuld dat er vanuit de ontologische kenmerken van beide ruimtes nieuwe betekenis ontstaat zouden hier bijna als een nieuw medium moeten worden gezien. Of in ieder geval als een nieuw medium worden benaderd. Deze nieuwe media wil ik met mijn werk helpen creëren en ik wil er daarnaast ook graag voor zorgen dat deze nieuw gecreëerde ruimtes zo helder zijn en makkelijk kunnen worden gebruikt dat hun gebruikers hier een eigen betekenis aan kunnen geven.
2.
Doorat digitale technologieën steeds meer en alom vertegenwoordigd zijn gaan digitale media ook steeds vaker een relatie aan met de natuurlijke en sociale omgeving van de gebruiker. Hierbinnen manifesteren ze zich als een ‘inter’ of ‘tussen’ waarbinnen de gebruiker zich ook weer als een ‘inter’ of ‘tussen’ manifesteert zoals ik dat in de voorgaande paragraaf heb beargumenteerd. Door deze beweging krijgt de gebruiker van een medium een steeds grotere rol in de betekenisgeving van de wereld om zich heen.
Dit eigen maken van zijn leefwereld is wat de Certeau (1984) als een intrinsieke menselijke behoefte bestempelt. Hierin gebruikt de mens de middelen om zich heen om een leefwereld te scheppen die hem eigen is. De mens speelt als het ware een intermediair tussen zijn natuurlijke leefomgeving en de technologieën om hem heen waarmee hij uit de combinatie van deze twee weer nieuwe betekenis creëert.
Het kan dus gezegd worden dat de leefomgeving van de mens in eerste instantie bestaat uit twee tegenpolen die door de implicaties vanuit een moderne tijd door veel mensen als twee uitersten van elkaar worden gezien; natuur en technologie. Het is in de ruimte die ontstaat uit deze paradoxale relatie waarin ik met mijn werk een bemiddelende rol wil spelen.
Als de ‘inter’actie tussen mens en media op een zo natuurlijk mogelijke manier verloopt ontstaat er een volledige immersieve ervaring waarin de gebruiker zich niet langer bewust is van het medium waarmee hij participeert. Op zo’n moment vervaagt de grens tussen technologie en natuur volledig en wordt de omgeving waarin de gebruiker zich bevind zijn tweede natuur. Hoe natuurlijker deze omgeving voor de gebruiker is des te beter is ook zijn ervaring hiervan. Dit zie ik als een centraal doel dat terug komt in al het werk dat ik maak.